De laatste schooldag alweer. In fleurige jurkjes en met een cadeautje onder hun arm (voor juf) lopen Liz en Bel voor de laatste keer naar hun huidige klas. Hier en daar wordt een vriendje gegroet. “Waar ga jij heen op vakantie?” Ik zwaai de meiden uit en draai me om. Ik word altijd een beetje melancholisch van de laatste schooldag.
Ik ben er aan toe, aan vakantie. Zoals elk jaar ben ik er aan toe, zoals alleen een moeder aan een paar vrije dagen toe kan zijn. Grappig hoe dat kritieke punt elk jaar toch weer – ondanks de regiospreiding – vlak voor de vakantie valt. Het is geen toeval, het is een biologisch proces. Met een zucht van verlichting gooi ik de gymkleren van de meiden in de wasmand. Alles staat even stil.
Ik vraag me plotseling af of het met de dood ook zo is. Dat je er naar toe leeft. Dat je er op een bepaalde leeftijd gewoon aan toe ben. Dat je, hoe leuk de dag ook was, denkt ‘nu is het klaar’. Ik ga naar bed. Dat dat het makkelijker maakt. Ik haal de natte was uit de machine en stop alles in de droger. Ja, ik kan me dat wel voorstellen. Dat je er klaar voor bent.
Maar dan? Na een nacht komt een nieuwe dag, na de vakantie weer een nieuw jaar. Maar na de dood? Volgens wetenschapper (en auteur) Kris Verburgh is het leven niets meer dan het verschil in natriumconcentratie binnen en buiten de cel. Als de concentratieverschillen zich uitvlakken (de celwand laat alle natrium door) dan zijn we dus dood. Romantiek gereduceerd tot eiwitten die als poortwachters de natriumstroom reguleren.
Nou was ik al niet zo gelovig, en wars van sprookjes over het leven na de dood, maar dit vind ik wel heel wetenschappelijk. Ik zet de droger op ‘strijkdroog’ en loop naar boven voor een kop koffie. Buiten schijnt de zon maar ik denk dat het straks gaat regenen. “Misschien zullen enkele atomen waaruit we nu bestaan zich binnen honderden miljarden jaren in de kern van een andere ster bevinden, terwijl andere atomen rondzweven in de gitzwarte leegte tussen twee sterrenstelsels.” Schrijft Verburgh zijn zijn boek “Fantastisch”. Hij vindt dat een mooi idee.
Ik vind het vooral vrij deprimerend. En eenzaam.
O jee.
Ik ben écht aan vakantie toe.